MENU
Border City © www.fr-ee.org

“Border City”, een Mexicaans-Amerikaans stadsproject

Une île artificielle pour «énergiser» 80 millions d’Européens

Een kunstmatig eiland om 80 miljoen Europeanen van energie...

Des éoliennes urbaines intégrées aux bâtiments

30/03/2017 Comments (0) Architectuur, Technologie

Stedelijke windturbines geïntegreerd in gebouwen

Al sinds enkele jaren heeft Amaay!, een Brusselse R&D-vennootschap gespecialiseerd in stedelijke windenergie, haar oog laten vallen op de meest winderige plek in de hoofdstad: het Marsveldplein in Elsene. Haar doel: drie windturbines van 0,64 kW bouwen aan de voet van de toren van het Bastion.

Drie masten van 10 meter hoog die stroom leveren om het plein volledig autonoom te verlichten. Met in het midden van de inrichting een turbine die dienst doet als verbonden onderzoekscentrum. “De verzamelde gegevens verschaffen ons de nodige expertise om turbines te integreren in wolkenkrabbers”, aldus Bob Starc, architect en directeur van Amaay! Via dit centrum zouden we ook onze schattingen over de trillingen en het lawaai van een turbine in een stadsomgeving kunnen valideren.” Dit in zijn soort unieke project kreeg groen licht van het Gewest. De werken zouden zelfs van start gaan in 2016. Alleen werd de toren van het Bastion verkocht en de onderneming moet haar plannen herzien.

Maar zonder in defaitisme te vervallen koestert Bob Starc al een ander plan: een nieuwe generatie windturbines met verticale as integreren in het hart van gebouwen. “Over 10 jaar”, legt hij uit, “zal deze technologie even gewoon zijn in het stedelijk landschap als verkeerslichten. De windturbines zullen zelfs worden opgenomen in het ontwerp van gebouwen, zoals zonnepanelen vandaag.” De stad, van stroom voorzien dankzij allerlei onafhankelijke bronnen en beheerd door een slim netwerk (smart grid), zal bestaan uit energie-efficiënte gebouwen, waarin windenergie een van de schakels zou kunnen vormen.

Projecten in het buitenland

In feite neemt het Brussels Hoofdstedelijk Gewest het idee zeer serieus op. Sinds 2009 werden er verschillende initiatieven gelanceerd die omkaderd worden door Leefmilieu Brussel: de creatie van een Brusselse HUB, de toewijzing van de rol van stedelijke windfacilitator aan bureau Amaay!, de vaststelling van potentiële locaties voor proefprojecten… Voor sommige werden er al diepgaande studies uitgevoerd: de Zuidtoren, de toren North Galaxy, het Coca-Cola gebouw en de Haven van Brussel. Met voor elke site aangepaste technologieën. Sinds 2011 heeft Brussel zelfs de winden die over de daken waait in kaart gebracht. “Een studie toont aan dat als er grote windturbines in het Gewest worden ingezet, ze 2,8 tot 18 MW elektriciteit zouden kunnen leveren, terwijl microturbines voor 3 tot 15 MW zouden kunnen zorgen“, aldus Bob Starc. Maar tot op heden werd er nog geen strategie voor stedelijke windenergie op grote schaal goedgekeurd door het Gewest.

Ondertussen bewijzen enkele projecten in het buitenland al dat ze werken. Het Bahrein WTC in Manama bestaat uit twee tweelingtorens van 240 meter hoog. Ze zijn met elkaar verbonden door drie bruggen en zijn uitgerust met windturbines die zorgen voor 11 tot 15% van het elektriciteitsverbruik van de gebouwen. Dichter bij huis produceert de Strata Tower SE1 – een Londense wolkenkrabber van 408 appartementen die eind 2010 werd voltooid – 8% van de energie die ze nodig heeft door middel van geïntegreerde windturbines op het dak. De drie turbines bovenop het gebouw zijn gewapend met elk vijf schoepen die ongeveer 50MWh per jaar produceren. Deze innovatieve toren is 148 meter hoog en kon een Britse trots zijn geworden. Maar met de bijnaam “scheermes” omdat hij zo lijkt op een bekend elektrisch model, werd de toren verkozen tot het lelijkste gebouw in Groot-Brittannië, en won hij de ‘Carbuncle Cup” van 2010, wat je kunt vertalen als de “Steenpuistbeker”.

© http://amaay.com
Deel dit artikel:

Tags: , , , ,

Geef een antwoord